Beveiligingsmaatregelen

Beveiligingsmaatregelen

Organisatorische maatregelen
Hiermee wordt ondermeer bedoeld de sluitprocedures, sleutelbeheer, inventarisatie en registratie van waardevolle goederen.

Ook vastzetten van klimmaterialen (ladder, container), opruimen van gereedschappen, beveiligingsverlichting binnen en buiten.

Bouwkundige maatregelen
Inbraakwerend hang- en sluitwerk (sloten), ramen en deuren, glasafscherming, rolluiken, compartimenteren.

Compartimenten
Extra versterkte ruimten binnen een gebouw, die niet grenzen aan de buitengevel, bij voorkeur op een (2e) verdieping, zonder ramen, met een deugdelijke deur en stevig kozijn.

Waardeberging
Kostbare apparatuur, waardepapieren, geld, pasjes, sieraden, kunst, antiek, reservesleutels.

Voor zover mogelijk opbergen in een geschikte brand- of inbraakwerende kast ("kluis")

Deze kast moet deugdelijk (chemisch) worden verankerd aan de vloer en/of muur.

Meeneembeperkende maatregelen
Kostbare apparatuur (opgesteld voor gebruik) vastzetten met een antidiefstal kabel of kast.

Of het toepassen van een mistgenerator.

Beveiligingsverlichting
Boven alle bereikbare ramen en deuren (minimaal 2,7m hoogte) slagvaste beveiligingsverlichting toepassen.

Binnen aanwezigheidsverlichting ("normale" woonsituatie nabootsen)

Nood- en vluchtwegverlichting
Als onderdeel van het Integraal Veiligheidsplan en onder verwijzing naar het Bouwbesluit en Arbo-besluit, en NEN1010, noodverlichting toepassen (bedrijven en instellingen)